Need for Speed Underground 2
Door Lars Velthuis op 05 Juni 2005, RecensieDag 3 ‘You’ve got to pimp my ride!’
Na een ontbijtje kan het tunen beginnen. Er zijn meer dan 15 verschillende auto’s, vele upgrades, spoilers en weet ik wat voor onderdelen te verzamelen, om je auto op te leuken. Zo kun je jouw auto helemaal groen kleuren, inclusief bijpassend neonlicht en gekleurde ramen. Resultaat is dat geen auto meer hetzelfde is. Veel mogelijkheden worden beschikbaar wanneer je goed rijdt, denk hierbij aan spoilers en nieuwe prints voor op je auto. Zeker leuk is de mogelijkheid om je eigen print te ontwerpen en deze op je auto te plakken. Bij dit onderdeel wordt de stylus goed gebruikt. Er hebben al diverse poppetjes en dergelijke op mijn auto mogen pronken. Tekenaars kunnen hierbij gebruik maken van verschillende kleuren om hun creaties op te vrolijken. Zo zijn je Pictochat-skills toch nog nuttig!
Het tunen is dus behoorlijk goed uitgewerkt, maar hoe zit het met het racen zelf? De auto’s zelf sturen lekker, maar ik heb het idee dat EA het realistischer wilde maken dan het zou moeten zijn. Bij het slippen wordt dit duidelijk; je wilt je bocht aanscherpen, maar doordat de auto altijd te veel doorslipt, begin je te draaien en te tollen. Vervelend... Deze game zou eigenlijk voor iedereen toegankelijk moeten zijn, maar waarschijnlijk zijn de controls voor sommigen te moeilijk. Ook is het vervelend hoe je soms van achteren wordt gebeukt, waarna de tegenstanders rustig doorrijden en jij de muur warm houdt. Toch geeft het een goed gevoel om hard door de stad te racen, maar voor het volgrende deel (dat ongetwijfeld binnenkort een keer uit zal komen) verwacht ik dat het rijden wat meer arcade-achtig wordt en wat meer toegankelijk voor iedereen.
Ik houd gemengde gevoelens over aan deze dag. Ik ben vaak gecrasht, maar heb me erg vermaakt met het tunen. Morgen maar eens kijken hoe het met de graphics, sound en replay zit. Welterusten, teddybeer.
Dag 4 ‘Over pop-up, hipheid en lengte’
Na een mooie nacht start ik mijn trouwe vriend weer op. Ik ga vandaag eens wat meer naar de graphics, de muziek en de replay kijken, zoals ik gisteren al vertelde.
Grafisch is de game netjes. De auto’s, de omgevingen en de animaties zijn goed, maar ik heb wat op te merken aan het pop-up-gebeuren. Als je op volle snelheid rijdt, zie je de omgevingen steeds een stukje meer verschijnen. Nu is dat niet erg, maar dan moet je niet een half gebouw zien, om pas 5 seconde erna de andere helft te zien. Helemaal netjes is het niet uitgewerkt in mijn ogen, al is het natuurlijk wel mooi in vergelijking met zijn kleine broertje op de GBA. Er zijn nog meer van die rare acties, zoals de neonlichten. Als je de lucht in wordt gedrukt door de tegenstanders, zie je het neon nog gewoon in een mooi vierkantje op de grond, het gaat niet mee omhoog met de auto. Zo zijn er meer van die slordigheidsfoutjes, maar ik ben wel onder de indruk van de soepelheid waarmee je je door de levels begeeft. Soms lijkt het alleen iets te veel voor het twee-schermige apparaat, want ik ben inmiddels al een paar keer op een vastloper getrakteerd en dat is niet zo leuk als je bijna een ongelooflijk moeilijke level hebt gehaald. Slordigheid, EA, pure slordigheid.
Ook de sound vind ik niet geweldig. De auto’s zelf klinken goed, maar de achtergronddeuntjes komen je al snel de oren uit. Het deuntje dat je door de menu’s begeleidt is wel rustig en doeltreffend gemaakt, maar verder is het niet zo heel mooi. Waar je bij de delen op de PC en de consoles altijd getrakteerd werd op vele nummers ben je in deze game aangewezen op enkele simpele deuntjes, die zich ook eindeloos schijnen te herhalen. Weer niet zo geslaagd.
De underground-modus is erg geslaagd en bevat redelijk wat levels om je even zoet te houden. Natuurlijk is een rondje multiplayer altijd mooi meegenomen, al vereist het wel meerdere gamecards. Maar dan heb je ook wel iets leuks in handen; je kunt namelijk onderling uitvechten wie nou de beste coureur is en natuurlijk wie het mooiste zijn auto heeft ‘gepimpt’. Een rondje racen op een verloren moment is altijd meegenomen, maar het blijft jammer dat er geen Drift-modus inzit. Over de replay ben ik dus best te spreken, maar nadat je de underground-modus hebt uitgespeeld, zul je de game niet zo veel meer spelen. Toch zul je wel een tijdje doen over de underground-mode, er zijn wel genoeg races aanwezig in deze game.
Toch begin ik inmiddels een beetje naar iets anders te verlangen, want de meeste mogelijkheden heb ik nu wel gezien. Dit hippe gedoe is misschien toch niet helemaal mijn ding. Desondanks heeft EA een leuke game afgeleverd, waarin plezier en frustratie goed samengaan. Desondanks is de geluksfactor toch te veel aanwezig en hoop ik dat het nieuwste deel wat toegankelijker voor iedereen wordt. EA heeft al vaker bewezen dat ze dit kunnen en ze hebben nog alle tijd om aan het nieuwe deel ‘Need for Speed: Most Wanted’ te werken. Halen ze wat vervelende dingen uit Underground 2 weg en verbeteren ze de muziek drastisch, dan pas kan de game een beroep doen op de hogere scores. Desondanks blijft deze game redelijk voor iedereen die van flink wat rauw racen en tunen houdt. Uiteindelijk best hip, dat EA.










